Terug
Gepubliceerd op 11/12/2025

Besluit  gemeenteraad

di 09/12/2025 - 20:00

Aanvullende personenbelasting

Aanwezig: Jeroen Segers, voorzitter gemeenteraad
Greet De bruyn, burgemeester
Dirk Hoofd, Liesje Pauwels, Elke Cuyt, Hilde Cools, Karel Van Eetvelt, Tom Van Ranst, schepenen
Bernadette Boeykens, Leentje Van lent, Danny Peeters, Kevin Van Ranst, Kristof Joos, Eric Engels, Nicole Van Praet, Ivo Van Aken, Francois De Clercq, Elise Heymans, Vicky Gosselé, Ivan De Maeyer, Jan Hermans, Brian Van de Veken, Jo Boeykens, Mark Augustinus, Wendy Glorieux, Rony Brusselmans, gemeenteraadsleden
Björn Caljon, algemeen directeur
Verontschuldigd: Wim Verheyden, Matthi De Rijck, Kim Aerts, gemeenteraadsleden
wettelijk kader
  • Artikel 41, 162, 170 §4 van de Grondwet
  • Artikel 40 §3 en 41, 14° van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017
  • Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen
  • Omzendbrief KB ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit
situering

Bij de start van de nieuwe legislatuur worden alle belasting- en retributiereglementen geëvalueerd.  Op basis van deze evaluatie wordt aan de gemeenteraad voorgesteld om deze belasting te hernemen en het huidige percentage van 7,3% aanvullende personenbelasting niet te wijzigen.

motivering

De aanvullende personenbelasting behoort tot één van de algemene belastingen die zorgt voor de financiering van de werking van de gemeente, het OCMW en het autonoom gemeentebedrijf Bornem. De inkomsten zijn noodzakelijk om de algemene werking van de gemeente, het OCMW en het autonoom gemeentebedrijf Bornem te garanderen.  

financiële aspecten

Deze belasting bracht € 9.837.402,45 euro op in 2024 (aanslagjaar 2023). De aangekondigde aanpassingen door de federale overheid zullen op termijn een negatieve impact hebben op deze inkomsten. Het zal echter afhangen van de evolutie van de inkomens van de Bornemse inwoners of deze inkomsten zullen dalen, gelijk blijven of stijgen. Deze evolutie is moeilijk in te schatten maar op basis van schattingen van VVSG wordt rekening gehouden met een daling in het strategisch meerjarenplan 2026 - 2031.  

Publieke stemming
Aanwezig: Jeroen Segers, Greet De bruyn, Dirk Hoofd, Liesje Pauwels, Elke Cuyt, Hilde Cools, Karel Van Eetvelt, Tom Van Ranst, Bernadette Boeykens, Leentje Van lent, Danny Peeters, Kevin Van Ranst, Kristof Joos, Eric Engels, Nicole Van Praet, Ivo Van Aken, Francois De Clercq, Elise Heymans, Vicky Gosselé, Ivan De Maeyer, Jan Hermans, Brian Van de Veken, Jo Boeykens, Mark Augustinus, Wendy Glorieux, Rony Brusselmans, Björn Caljon
Voorstanders: Jeroen Segers, Greet De bruyn, Dirk Hoofd, Liesje Pauwels, Elke Cuyt, Hilde Cools, Karel Van Eetvelt, Tom Van Ranst, Bernadette Boeykens, Leentje Van lent, Danny Peeters, Kevin Van Ranst, Kristof Joos, Eric Engels, Nicole Van Praet, Ivo Van Aken, Francois De Clercq, Elise Heymans, Vicky Gosselé, Ivan De Maeyer, Jan Hermans, Brian Van de Veken, Jo Boeykens, Mark Augustinus, Wendy Glorieux, Rony Brusselmans
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
besluit

Artikel 1

Voor de aanslagjaren 2026 tot en met aanslagjaar 2031 wordt een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die in de gemeente belastbaar zijn op 1 januari van het aanslagjaar.

Artikel 2

De belasting wordt vastgesteld op 7,30% van het volgens artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingschuldige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.

Artikel 3

De vestiging en de inning van de aanvullende gemeentebelasting gebeuren door toedoen van het bestuur van de directe belastingen, overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 466 en volgende van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

Artikel 4

Het onderhavig reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.