Bij de start van de nieuwe legislatuur worden alle belasting- en retributiereglementen geëvalueerd. Op basis van deze evaluatie werd het retributiereglement ‘Belasting op verwijderen van sluikstorten en op het leveren van prestaties/werken voor derden’ grondig herschreven. Bijna alle daarin voorziene tarieven werden aangepast.
De financiële toestand van de gemeente vereist het heffen van belastingen en het innen van retributies.
Het principe vervuiler betaalt is ook van toepassing op sluikstorten. Wanneer op het openbaar domein een sluikstort wordt aangetroffen, wenst de gemeente minstens de gemaakte kosten terug te vorderen van de overtreder. Dit staat los van eventuele bijkomende sancties zoals administratieve geldboete of strafrechtelijke vervolging.
Indien gemeentelijke diensten moeten optreden op basis van een voorafgaande afspraak op het openbaar domein, is het eveneens logisch dat de kosten voor inzet van gemeentelijke middelen en eventuele externe partijen worden gerecupereerd.
Het verschil tussen het minimumbedrag van 300 euro voor sluikstorten en het minimumbedrag van 100 euro voor andere redenen/interventies is te verklaren door de ernst van sluikstorten. Dit gedrag is maatschappelijk bijzonder storend en kan bovendien strafrechtelijk worden vervolgd met boetes en zelfs gevangenisstraf.
De ontvangsten uit deze belasting vloeien naar de algemene middelen van de gemeente en worden aangewend voor de werking van het bestuur.
De inkomsten worden voorzien in het strategisch meerjarenplan 2026 - 2031.
Enig artikel
Het retributiereglement op verwijderen van sluikstorten en op het leveren van prestaties/werken voor derden zoals bepaald in bijlage (retributie op verwijderen) wordt goedgekeurd.